mindfulness in therapie, coaching en trainingen

Mindfulness en schematherapie

Ger Schurink. 1 april 2009

Over enkele weken verschijnt: Mindfulness en schematherapie: een praktische training bij persoonlijkheidsproblematiek van Michiel van Vreeswijk, Jenny Broersen & Ger Schurink, Houten: Bohn, Stafleu en van Loghum, ISBN:9789031362745.

image

Als introductie vind je hieronder gedeelten van twee hoofdstukken uit het boek: hoofdstuk 1, Inleiding en hoofdstuk 4, Rationale

Hoofdstuk : Inleiding

Veel patiënten met persoonlijkheidsproblematiek hebben in overmatige vorm last van emoties of geven aan juist weinig te voelen. In schematherapie worden deze emoties in verband gebracht met de triggering van schema’s en modi. Via cognitief-gedragstherapeutische technieken, experiëntiële technieken en interpersoonlijke ervaringen, waaronder limited reparenting, kunnen emoties een andere betekenis krijgen en eventueel anders worden benaderd. Geleidelijk aan doet ook het gebruik van mindfulness-technieken zijn intrede in de schematherapie (zie o.a. Young, 2004; Van Genderen & Arntz, 2005). Deze technieken worden beschouwd als een experiëntieel. Tot op heden is er echter geen protocol ontwikkeld voor een mindfulness-training binnen de schematherapie, terwijl de technieken uit deze training inmiddels met succes voor verschillende klachtgebieden worden ingezet.

Dit protocol geeft duidelijke richtlijnen hoe een mindfulness-training toegepast kan worden bij patiënten die worstelen met schema’s en modi. Het leren van aandachtgerichte technieken staat centraal. Het doel is dat patiënten zich meer bewust worden van de werking van hun schema’s en modi en hoe zij van hieruit geneigd zijn automatisch te handelen. Het gaat om deze bewustwording en niet om de werking van schema’s en modi daadwerkelijk te veranderen. Naast bewustwording van de werking van schema’s en modi, staat het waarnemen van emoties, lichamelijke gewaarwordingen en schemacoping centraal.
Het protocol voorziet in een duidelijk omschreven programma en bestaat uit acht zittingen. Er wordt van uitgegaan dat het protocol in een groep wordt gegeven, het kan echter ook goed in een individuele setting worden toegepast.
Voor sommige patiënten kan dit protocol een aanvulling zijn op hun reeds lopende (schema) therapie. Voor anderen kan het een voortraject van een therapie zijn. In het laatste geval is het doel dat zij zich eerst meer bewust worden van hun schema’s en modi. Soms is het doorlopen van dit protocol voldoende en is er geen vervolgtherapie meer nodig. Dit is bijvoorbeeld denkbaar bij patiënten met een lage lijdensdruk en geringe motivatie voor behandeling.

In dit boek wordt zowel de term patiënt als deelnemer gebruikt. Het is een bewuste keuze om de term deelnemer te hanteren in de hoofdstukken die het protocol mindfulness-training beschrijven. In de andere hoofdstukken hanteren we de term patiënt. Er is gekozen voor dit verschil in taalgebruik, omdat het patiënten zijn die aangemeld worden voor de training, terwijl we in de training de term deelnemer hanteren omdat het daar gaat om het aanleren van een vaardigheid. Om dezelfde reden wordt het woord therapeut, in de hoofdstukken die het protocol omschrijven, vervangen door het woord trainer.

We gaan niet uitgebreid in op literatuur over persoonlijkheidsproblematiek en schematherapie. Hierover zijn al vele andere boeken geschreven. Ook op een onderwerp als groepsdynamica wordt niet ingegaan. Voor trainers die dit protocol in groepsverband willen toepassen, is wel ervaring gewenst met het geven van groepstraining en therapie op het gebied van persoonlijkheidsproblematiek. Ook een cursus in aandachtgerichte cognitieve therapie wordt aanbevolen, alsmede het lezen van het boek van Segal, Williams en Teasdale (Mindfulness-Based Cognitive Therapy for Depression, 2002).

De positieve ervaringen met het toepassen van mindfulness-technieken in schematherapie bij mensen met soms zeer forse persoonlijkheidsproblematiek hebben geleid tot het schrijven van dit protocol. Momenteel worden er gegevens van de voor- en nametingen verzameld. Deze gegevens worden verwerkt in een artikel over de effectmeting.
Voorafgaand aan de ‘mindfulness-training voor mensen met persoonlijkheidsproblematiek’
meldde Chantal zich vaak in crisis op de polikliniek of bij de crisisdienst. In impulsiviteit had ze een relatie verbroken of had ze zichzelf beschadigd.
Bij de eerste trainingsbijeenkomsten geeft ze aan dat ze het maar saai vindt. Het levert haar niet snel genoeg iets op. De trainers nodigen Chantal uit om iedere keer opnieuw met hernieuwde aandacht waar te nemen wat ze voelt, denkt en doet zonder meteen tot actiegerichtheid over te gaan. Gedurende de training neemt het aantal crisissen af en ook in de follow-up periode meldt patiënte zich nauwelijks meer in crisis. Ze geeft aan dat – hoewel ze niet altijd alles heeft geoefend – zij wel veel aan de training heeft gehad. Chantal is zich bewuster geworden van haar automatische piloot en de werking van haar schema’s en modi. Zij kan dit eerder voor zichzelf herkennen en benoemen en vervolgens een meer aandachtgerichte keuze maken in plaats van automatisch impulsief te handelen.

Hoofdstuk 4: Rationale

Dit trainingsprotocol beschrijft acht zittingen van anderhalf uur groepstraining en twee boosterzittingen. De trainingsgroep bestaat uit minimaal acht tot twaalf deelnemers, mannen en vrouwen van 18 tot 65 jaar. Hoewel de samenstelling kan wisselen, wordt enigszins gestreefd naar matching. Als een man wordt aangemeld, zal er bijvoorbeeld altijd naar gestreefd worden dat er nog een man in de groepstraining zit. Hoewel het hier niet gaat om groepspsychotherapie, zijn we van mening dat ook bij deze training het principe van de Ark van Noach (van ieder soort een paartje) de herkenning, erkenning en daarmee het leervermogen vergroot. In de groep kunnen mensen zitten die heel impulsief kunnen zijn en veel en snel emoties voelen, naast mensen die zeer geremdheid zijn, onthecht zijn en weinig voelen. Het achterliggend idee is dat in een veilig trainingsklimaat iedereen wel iets van elkaar kan leren.

Het onderscheid tussen dit trainingsprotocol en een behandelprotocol is dat alles wat wordt besproken in de groep ten dienste staat van wat aan vaardigheden wordt aangeleerd. Er is wel enige ruimte voor inzichten zoals die door de deelnemers worden ingebracht, maar dit zal altijd weer herleid worden tot het trainen in de vaardigheid van mindfulness. Groepsdynamische processen worden, als ze al bruikbaar zijn, gebruikt om de werking van schema’s en modi in relatie tot de automatische piloot te verduidelijken. De houding van de trainers is er een van nieuwsgierigheid en open belangstelling naar wat de deelnemers inbrengen. Zij fungeren daarbij als model hoe met aandacht om te gaan van wat waargenomen wordt. Verder geven de trainers psycho-educatie over schema’s, modi en schemacoping.
Overigens onderscheidt dit trainingsprotocol zich niet alleen wat betreft thematiek van een protocol als dat van Segal et al. (2002), maar ook doordat van de trainers een iets meer actiegerichte en directieve houding wordt verwacht, waarbij ook veel ruimte is voor het geven van psycho-educatie. Voor mensen bij wie persoonlijkheidsproblematiek op de voorgrond staat, lijkt dit namelijk toch meer nodig te zijn. Daarmee worden de trainers voor een zo mogelijk nog moeilijkere taak gesteld, want het vraagt van hen een aandachtgerichte actiegerichtheid en niet alleen een aandachtgerichtheid.
In plaats van te focussen op welke persoonlijkheidsproblematiek iemand heeft, wordt als verbindende factor voor ieder groepslid een top drie van schema’s en modi uitgekozen. Deze schema’s en modi vormen de focus in de training. Het kiezen van een focus maakt het mogelijk om met nog meer aandacht waar te nemen wat de werking van (die) schema’s en modi is.

In de eerste twee zittingen worden de basisvaardigheden van mindfulness-training geoefend en besproken. Hierbij worden oefeningen gebruikt die onder andere worden beschreven in de aandachtgerichte cognitieve therapie voor depressie (Segal et al., 2002). In zitting 3 gaan de deelnemers oefenen om met aandacht een pijnlijke gebeurtenis waar te nemen. Vanaf zitting 4 oefenen deelnemers met het bewust waarnemen van schema’s en modi. In zitting 5 en 7 wordt van de deelnemers ook gevraagd om hun schema’s meer cognitief uit te dagen (= aandachtgerichte doe-stand). Vanaf zitting 7 oefenen de deelnemers met het bewust waarnemen van de modi ‘Gezonde volwassene’ en het ‘Blije kind’. Tot slot kan gekozen worden voor één of meer boosterzittingen waarin een aantal mindfulness-oefeningen wordt herhaald en er opnieuw uitleg kan worden gegeven over mindfulness in relatie tot schema’s en modi.
In de beschrijving van veel oefeningen hebben we bewust een onderscheid gemaakt tussen de aandachtgerichte kant van de oefening en de meer actiegerichte (doe-stand) kant van de oefening. De praktijk leert dat deze twee aspecten van de oefening moeilijk kunnen worden samengevoegd. Het opsplitsen kan iets kunstmatigs hebben en is dan ook meer bedoeld om de deelnemers bewust te maken van deze twee aspecten dan dat het iedere keer expliciet moet worden genoemd.

Als voor- en nameting vullen de deelnemers vragenlijsten in om waar te nemen wat er met hen gebeurt. Eén vragenlijst komt een aantal keren terug in de verschillende zittingen. De uitkomsten hiervan worden naar de deelnemers teruggekoppeld om hen meer inzicht te geven in wat er gebeurt met wat zij ervaren. In het hiervoor genoemde is expliciet gekozen voor de term ‘waarneming’, omdat het gebruik van een woord als ‘effect’ de suggestie wekt dat het doel van de training is dat er iets moet veranderen in de ernst van de klachten, schema’s en modi. De ernst kan veranderen, maar op het moment dat dit tot doel wordt gemaakt, wordt voorbijgegaan aan de aandachtgerichte visie. Het doel is leren bewust waar te nemen zonder actiegerichtheid, zonder een doel vooraf te hebben

Er zijn nog geen reacties op dit artikel.

 

Als je wilt reageren op dit artikel, vul dan het onderstaande formulier in. Om ongewenste mail/spam tegen te gaan worden reacties niet automatisch geplaatst. Ze worden dus eerst even bekeken en verschijnen pas op een later tijdstip in het weblog.

Uw naam

Uw mailadres

Uw reactie

laat mij weten als iemand hierop reageert

onthoud mij

vul deze gegevens ook in: